Veilig werken met ladders en trappen

Status: 
Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Een ladder is een klimmiddel om een ander niveau te bereiken. Vaak worden ladders en trappen echter ook gebruikt als werkplek. Dit is toegestaan bij kortdurende werkzaamheden met een gering risico. Ook als er geen andere mogelijkheid is dan de werkzaamheden uit te voeren met behulp van een ladder is dit toegestaan.

 

Regels voor de inzetbaarheid van ladders voor de uitvoering van lichte werkzaamheden zijn:

  • De ladder wordt jaarlijks geïnspecteerd en is goedgekeurd en voorzien van een keuringssticker met daarop de datum van de volgende inspectie.
  • Indien mogelijk gebruik maken van een veiliger arbeidsmiddel dan een ladder, tenzij er sprake is van laag risico, korte duur , of wanneer kenmerken van de locatie gebruik van een ander arbeidsmiddel onmogelijk/ niet gewenst maken.
  • Stahoogte is lager dan 5 meter.
  • Sta-tijd is minder dan 2 uur.
  • Krachtuitoefening is minder dan 50N (5 kg).
  • Reikwijdte is minder dan een armlengte.
  • Boven windkracht 6 mogen ladders buiten niet worden gebruikt.

 

Gebruiksregels voor het gebruik van ladders en trappen:

  • Werk niet buiten op een ladder bij windkracht 6 of hoger.
  • Controleer de ladder of trap vooraf op slijtage en beschadigingen. Laat eventuele reparaties uitsluitend uitvoeren door een deskundige.
  • Houd de ladder vrij van modder, sneeuw, verf en olie. Ladder niet beklimmen met gladde of vervuilde zolen.
  • Plaats de ladder op een stabiele stevige ondergrond., Deaan onderzijde borgen tegen wegzakken of uitglijden. Gebruik, gebruik eventueel een stabiliteitsbalk.
  • Plaats de ladder nooit ondersteboven of achterstevoren.
  • Beweegbare ladders eerst vastzetten en dan pas betreden.
  • Bij meerdelige ladders de overlappingslengte zoals door de fabrikant wordt voorgeschreven niet overschrijden.
  • Gebruik dwarssteunen bij het plaatsen van de ladder tegen de kasgevel.
  • Borg de ladder aan de bovenzijde met een touw tegen zijdelings wegglijden.
  • Stel de ladder op onder een hoek van ongeveer 75 graden.
  • Ladder moet minimaal 1 meter uitsteken boven plaats waartoe de ladder toegang geeft.
  • Houd bij beklimmen en afdalen altijd je gezicht naar de ladder toe.
  • Toegang tot ladder vrijhouden van obstakels.
  • Blokkeer een deur of doorgang die zich achter de ladder bevindt.
  • Metalen ladders op minimaal 2 meter afstand van onder spanning staande delen plaatsen.
  • Heb drie contactpunten met ladder: 2 voeten en 1 hand of 2 handen en 1 voet.
  • Breng gereedschappen en materiaal eventueel met een touw omhoog.

 

Gevaren en Beheersmaatregelen