Veilig werken bij elektrisch lassen

Status: 
Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Er zijn verschillende vormen van elektrisch lassen, de meest voorkomende zijn: MAG- en MIG-lassen, TIG-lassen.

 

De volgende risico’s kunnen verbonden zijn bij elektrisch lassen:

  • Brand en explosie: Dit kan ontstaan door het lassen zelf, waar hitte wordt gecreëerd en brandbaar materiaal kan ontsteken. Ook kan dit ontstaan wanneer gelast materiaal verhit wordt en in aanraking komt met brandbaar materiaal.
  • Blootstelling aan straling: Bij langdurige blootstelling aan de vlamboog kan de huid verbranden.
  • Verstikking/ bedwelming door blootstelling aan schadelijke stoffen: Tijdens het proces komen gevaarlijke stoffen en dampen vrij die schadelijk zijn voor de gezondheid.
  • Elektrocutie: Door de kortsluiting waarmee de lasboog wordt gevormd.
  • Gehoorschade: Bij lassen wordt de grens van 80dB(A) overschreden, behalve bij MIG- en TIG-lassen
  • Fysieke belasting: Door het aannemen van een niet ergonomische houding zoals voorovergebogen staan bij het lassen kan het lichaam worden overbelast.

 

Om veilig te kunnen lassen zijn de volgende maatregelen noodzakelijk per risico

Brand en explosie

  • Verwijderen of afschermen van brandbare stoffen en goederen.
  • Voorzie in een geschikte brandblusser en vrije vluchtroute
  • Bij het lassen op locatie: Dek putten en riolen af of te voorkomen dat hier lasspetters in vallen.
  • Onderzoek de laswerkplek na het afronden van de werkzaamheden op smeulend vuur
  • Voorzie in een (heet)werkvergunning en een brandwacht bij werken in besloten ruimtes.

 

Schadelijke stoffen

  • Reinig de te lassen middelen alvorens te starten met lassen. Verwijder o.a. verf- en vetresten.
  • Kies voor een proces-materiaalcombinatie die zo weinig mogelijk lasrook veroorzaakt.
  • Maak wanneer mogelijk gebruik van bronafzuiging. Plaats deze afzuiging zo dicht mogelijk op het materiaal en op een manier zodat de rook van u af wordt weggezogen.
  • Voorzie in voldoende ventilatie.
  • Maak gebruik van adembescherming: P2-filtermasker (alleen bij voldoende ventilatie/frisse lucht) of overdrukhelm.

 

Schadelijke straling

  • Gebruik een laskap met een lasruit, afgestemd op het lasproces.
  • Draag goed sluitende werkkleding die hals, hand en armen bedekken.
  • Bescherm je collega’s om je heen, plaats een lasscherm of laat hen afstand houden of een laspak en lasbril dragen.

 

Elektrocutie

  • Gebruik alle voedingskabels en laskabels die in goede staat zijn.
  • Reparaties aan het apparaat mogen alleen door een deskundig en bevoegd persoon worden uitgevoerd.
  • Zorg ervoor dat de werkstukklem goed geleidend met het werkstuk is verbonden.
  • Klem de lastang, kabel of elektrode niet onder de arm of oksel.
  • Schakel na het beëindigen van de werkzaamheden de hoofdschakelaar van de lastransformator uit.

 

Geluid

  • Gebruik altijd gehoorbescherming.

 

Fysieke belasting

  • Wissel de werkzaamheden regelmatig af met andere, minder belastende werkzaamheden en pauzeer regelmatig. Gebruik waar nodig hulpmiddelen voor het aannemen van een fijne houding of het verplaatsen van materiaal.

 

Besloten ruimte

  • Werk nooit alleen in een besloten ruimte zonder communicatiemiddelen voor contact met de buiten wereld.
  • Zorg voor een lastransformator met veilige spanning (<50V wisselspanning of <12V gelijkspanning) doormiddel van het toepassen van een spanning verlagend relais.
  • Draag veiligheidsschoen met kunststof of neopreen zool ter voorkoming van vonken.

 

Ventilatie en bronafzuiging

  • Ventilatie kan plaatsvinden door de gehele ruimte te ventileren of door gebruik te maken van een verplaatsbare lasdampafzuiger met flexibele zuigslang en zuigmond. Let op dat dit ook het beschermgas kan wegzuigen.
  • Als er moeten worden gelast in een omgeving met een hoge concentratie omgevingstemperatuur, veroorzaakt door de verwarming van het te lassen materiaal, moeten extra voorzieningen worden getroffen.

 

Gebruik de volgende persoonlijke beschermingsmiddelen:

  • Gehoorbescherming
  • Laskap
  • Lasschort of brandvertragende kleding
  • Passende adembescherming bij onvoldoende ventilatie/afzuiging.